Author Archives: DOEK

I Miss You (CWS)

I Miss You

I miss you

Het missen kent iedereen, het weet ons wonen en komt soms langs.

van april 2021 tot juni 2021

kunstenaars
Valentine Kempynck
Erin Helsen
partners
MoMu Antwerpen
met steun van
Stad Antwerpen
Vlaamse Overheid

Elke deelnemer borduurt een afbeelding van iets of iemand die gemist wordt. De afbeelding wordt aan de binnenkant van een jas genaaid ter hoogte van het hart. Een plaats die van jezelf is, die je elke dag tegenkomt en niet deelt met de buitenwereld. Een plek die helemaal van jou is.

Binnen de combinatie van hun artistieke praktijken ontwikkelen VK en EH hoe de handeling ruimte maakt in de tijd. De handen doen het werk. Tussendoor is er plaats om de gedachten en woorden een plaats te laten vinden. Dit kan hulp bieden bij het verwerkingsproces: de handeling als medicatie of meditatie.

Valentine Kempynck en Erin Helsen willen met deze sessies de mogelijkheid bieden om gemis een plek te geven.

Collective Wisdom Session I Miss You biedt een plek waar emoties gedeeld kunnen worden, zonder oordeel en discriminatie. Deze emoties worden omgezet in de vorm van een textielproduct, die drager wordt van een verhaal. Dit resulteert in een handleiding, ontwikkeld tijdens het project I Miss You, die verder gedeeld kan worden.

De sessie verbindt over generaties en culturen heen, en creëert een plek om te praten over een gemeenschappelijk thema ‘Gemis’.

Dit project kwam tot stand dankzij de financiële bijdrage van de Stad Antwerpen.

(c) Erin Helsen
(c) Erin Helsen
Lees meer

De Collective Wisdom Sessions (CWS) is een experimentele methodiek van DOEK. Aan de hand van 6 artistieke vraagstellingen stellen we een meerstemmige groep individuen (kunstenaars, ontwerpers, makers, ambachtslieden, denkers, experts, onderzoekers uit verschillende sectoren en of met verschillende achtergronden) samen, die eenzelfde onderwerp vanuit een andere invalshoek benaderen. Deze ontmoetingen zijn bedoeld om collectief te denken, doen en praten met als doel collectief te leren en zo tot nieuwe collectieve wijsheid te komen. Wederzijdse kruisbestuiving tussen alle deelnemers zal leiden tot nieuwe inzichten en vormt uiteindelijkde voedingsbodem voor nieuwe artistieke, social-design, sociaal-artistiek en of innovatieve concepten en/of projecten, die maatschappelijke transitie willen brengen. De kunstenaar neemt in dit experimenteel leerproces de rol op van motor van systemische en sociale verandering. CWS is een vorm van een open, gedeeld artistiek proces: een co-productie.

Terug naar PROJECTEN

Knottex

Knottex

Knottex

van jan 2020 tot dec 2022

partners
DOEK
Timelab

Doek en Timelab zijn partners in een nieuw project dat voortvloeit uit het knotplex.org project van Timelab en zal resulteren in een collectief project: Knottex. Dit project onderzoekt technieken om de Japanse duizendknoop, een invasieve plant die in heel Europa groeit, te verwerken tot textiel. Deze plant beschadigt infrastructuren en verdrijft lokale flora en fauna. De weefsels fungeren reeds als grondstof voor knotplex-platen die in het makerlab van Timelab gebruikt worden op protytypes te maken met een lasercutter. We zijn op zoek naar procédés om de Japanse duizendknoop efficiënt te verwerken naar draad, koord, of textiel. We experimenteren met toepassingen die de vezels gebruiken. Centraal in dit proces staat ook energie-efficiëntie: we zoeken ontwikkelingsprocédés die het energieverbruik zo goed mogelijk beperken.

We brengen een aantal mensen samen in een focusgroep om mee na te denken over de verdere ontwikkeling van dit proces: bijvoorbeeld iemand met kennis van de ambacht van (vlas)vezels spinnen of koorden maken. Deze vezels willen we uiteindelijk gebruiken in andere projecten:een project rond Afghaans dagbedweven met knottexkoorden, als draad voor het semi-automatisch weefgetouw dat we willen ontwikkelen tijdens het Texchallenge project, …

Terug naar PROJECTEN

Textiel Blind Dates

Textiel Blind Dates

Textiel Blind Dates

van maart 2020 tot mei 2020

2020

kunstenaar
Lies Van Assche
partners
DOEK
MoMu Antwerpen
Met steun van
Stad Antwerpen

Kunstplatform DOEK zet als organisatie in op het ontdekken van nieuwe regels en vormen. In de eerste fase van Sterrenstof zou er op straat gezocht worden naar textieltalent en textielverhalen. Omdat deze fase niet kon doorgaan omwille van de COVID-19-crisis, herdacht DOEK een digitale manier van ontmoeten rond textiel in de stad Antwerpen.

Het uitdenken van waardevolle ontmoetingen op een digitale manier past perfect bij de missie van DOEK. Digitaal vergaderen of ontmoeten wordt vaak gezien als een tweederangs-alternatief voor een face-to-face ontmoeting. Als we echter bijvoorbeeld kijken naar de World Café Method of de regels rond betekenisvol vergaderen van Sociocratie 3.0 bekijken, zien we dat deze makkelijk te transponeren zijn naar een digitale omgeving. Deze concepten draaien rond het respecteren van de ander in de vorm van ‘deep listening’ en het duidelijk vooropstellen van het doel van de digitale ontmoeting. De zoektocht op straat wordt niet letterlijk vervangen door een zoektocht online, maar wordt vervangen door het concept van een digitale blind date, of een Textiel Blind Date.

Ontdek hier het vervolg: STST 2.0
Lees meer

Via de websites, sociale media en nieuwsbrief van MoMu werd bekendgemaakt dat DOEK experimenteert met nieuwe methoden om online betekenisvolle ontmoetingen te hebben omtrent textiel. Mensen konden zich hiervoor inschrijven door enkele vragen in te vullen. Op basis hiervan werd door DOEK een match gemaakt tussen de verschillende kandidaten. In de loop van de maand mei namen de duo’s contact met elkaar op en hielden zij een conversatie over textiel: via gesproken of getypte woorden, of via het doorsturen van beelden via digitale kanalen of brieven. We vroegen bij aanvang aan elk duo om na de ontmoeting een verslag door te sturen aan de projectcoördinator. Dit verslag kon de vorm aannemen van een klassieke samenvattende tekst, maar kan ook een reeks foto’s zijn die zijn doorgestuurd, een scherm- of video-opname van het gesprek, …

Terug naar PROJECTEN

Kantje Boordje

Kantje boordje, een pleidooi voor passement

Kantje boordje, een pleidooi voor passement

Een pleidooi voor een levend en lokaal ambacht, passementerie.

van 1 nov 2019 tot en met 31 juni 2021

deelnemers
Helena De Smet
Veerle Tytgat
Michel Moeremans
partners
DOEK vzw
Timelab vzw
met de steun van
Vlaamse overheid

Via een Meester-Leerlingtraject leren mode-ontwerper Helena De Smet (leerling) en textiele vormgever Veerle Tytgat (leerling) de technieken van het passementerie-ambacht van Michel Moeremans (meester). In een later stadium zoeken ze methoden om deze kennis door te geven en het passementerie-ambacht levend houden. ​

Passementerie is de verzamelterm voor decoratieve textielproducten zoals banden, franjes, koorden en galons, die zowel manueel als machinaal vervaardigd kunnen worden. Je vindt passement terug in interieur en mode, maar vroeger ook op rijtuigen, uniformen en liturgisch textiel. Het unieke aan passement is het samenbrengen van uiteenlopende textieltechnieken zoals koordmaken, vlechten, weven en breien. Door deze onderling te combineren, krijg je een heel breed scala aan artikelen, met ronkende namen als galons, franjes, crêtes, lézardes, effilés, embrasses en macarons.

Het is ondertussen echt wel ‘kantje boordje’ voor deze textiele nijverheidsvorm. Waar er rond 1950 in de streek van Erpe-Mere een 35 tal passement-ateliers waren, tellen we er nu nog 2 , waarvan 1 nog ambachtelijk werkt.

Het traject start in november 2019 en loopt tot en met eind juni 2021. Hierbij worden 6 verschillende technieken aangeleerd. De laatste maand wordt gewerkt aan de voorbereidingen om het ambacht over te dragen naar een groter publiek, via onder andere Collective Wisdom Sessions. ​

Dit project kwam tot stand dankzij de financiële bijdrage van de Vlaamse Overheid.

Lees meer

Meester Michel Moeremans

Michel is de kleinzoon van Edgar Moeremans, die in de jaren ’40 te Ninove het gelijknamige bedrijfvoor fabricatie van passementen oprichtte.

Hij leerde het vak op de werkvloer, in de firma en uit de handen van zijn vader, die het op zijn beurt van zijn vader had geleerd. Een opleiding passement bestond namelijk niet. Je kon het vak enkel via leerling-meesterschap leren. In 2009 kende het bedrijf financiële problemen. De firma Deltracon in Ingelmunster kocht het bedrijf Edgar Moeremans & Co over en herdoopte het tot Flanders’ Trimmings. Meester Moeremans superviseert er nog 1 dag per week het atelier. Dankzij de passie en visie van bedrijfsleider Rudy Delchambre treft men op deze plaats zowel een uitgebreid archief van passement, een operatief atelier èn het echte vakmanschap onder 1 dak aan. Een unieke situatie in het Vlaamse textiellandschap aangezien dit atelier, en de firma Neckebroeck in Erpe-Mere, de enige overblijvende ateliers zijn voor fabricatie van passementen.

Veerle Tytgat

Veerle is freelance textielvormgeefster en docente in textiele kunsten. Ze bewandelt een pad balancerend tussen vormgeving en artistiek werk. Het ene moment ontrafelt ze de mogelijkheden die een materiaal in zich draagt, de andere keer vertrekt ze vanuit een technisch standpunt. Handwerk en ‘de traagheid der dingen’ spelen een belangrijke rol. Ze is steeds op zoek naar hoe ze (de productie van) textiel op een duurzame en ethische manier kan benaderen. Door bijvoorbeeld ecologische materiaal te gebruiken, samen te werken met de sociale economie en lokale partners en toeleveranciers. Handenarbeid gaan bij Veerle hand in hand met een semi-industriële productie. Ze combineert graag diverse textiele technieken enricht zich hierbij vooral op toepassingen voor interieur.

Helena De Smet

Helena is mode-ontwerpster en docente aan het KASK Gent. Helena kreeg haar opleiding aan de Antwerpse mode academie en werkt al sedert 1990 als freelance ontwerpster voor modehuizen en confectiebedrijven. Als ontwerpster hecht zij veel belang aan de uitvoering van haar ontwerpen. Uit de dialoog met vaklui haalt zij veel voldoening en groeit ze in haar ontwerpproces. Parallel met het ontwerpen, begon ze 10 jaar geleden als docente materialen en technieken aan het KASK Gent bij de opleiding MODE. Over de laatste 3 decennia zag ze het textiele landschap ingrijpend veranderen. Door faling of verhuis van talrijke textielbedrijven naar lage loonlanden wordt het voor ontwerpers ontzettend moeilijk om kleine ateliers met ambachtslui te vinden waarmee ze in dialoog kunnen gaan om hun ideeën vorm te geven. Door haar ervaringen mede door dit traject hoopt Helena hier verandering in te kunnen brengen.

Terug naar PROJECTEN

Afghaans borduren

Afghaans borduren

Afghaans borduren

Het behoud van een mondiaal ambacht in het Vlaams erfgoed

2019 – 2020

deelnemers

Nadia Mohmand
Lies Van Assche

met de steun van
Vlaamse overheid

Nadia Mohmand, één van de Afghaanse borduursters uit de community, en Lies Van Assche kregen samen een beurs voor een Meester-Leerlingtraject. Nadia is de meester en Lies de leerling. Na een diepgaand overdrachtstraject tussen leerling en meester, introduceren we Nadia in verschillende musea (waaronder het MAS, MoMu en TRC Leiden) en bij privé collectioneurs die textielerfgoed uit Afghanistan bewaren. Samen met de conservators gaan we in museumdepots op zoek naar textiele schatten. We proberen ook een link te maken met Afghanistan, door lokale sleutelfiguren op pad te sturen en daar ontmoetingsateliers op te starten voor lokale meesters.

Lees meer

Vanuit het MAS zal dit ambachtelijk, maatschappelijk onderzoekstraject audiovisueel gecapteerd worden. Nadia Mohmand en Lies Van Assche geven in feb 2020 samen een masterclass in het KASK Antwerpen: Sporen Achterlaten/Leaving Traces. We nodigen kunstenaars en designers uit om vanuit wederkerigheid aan de slag te gaan in een 5 daagse masterclass.

Terug naar PROJECTEN

TexChallenge

TexChallenge

“We zien een revival van oude technieken.
Mensen willen weer zelf dingen maken.”

2019

partners
DOEK
Time-lab
MIAT
deelnemers
Adrien Centonze, Charlotte Vanhoutte, Frank D’Hondt, Frederic Steensels, Helena De Smet, Jeffrey Thielens, Julie Taris, Louis Tardy, Sara Diaz

Op basis van oude kennis en kennis uit andere culturen gecombineerd met digitale technieken, wordt een semi-automatische loom tape weefgetouw gebouwd volgens de Open Hardware principes. We maken dit weefgetouw door middel van de machines in het Fablab, waardoor deze gemakkelijk kunnen gekopieerd worden in andere beschikbare labs. Zo wordt kennis overgedragen en ontstaat een community van makers die de verdere ontwikkeling van het toestel op zich neemt. Op die manier willen we wereldwijd verspreide kennis samenbrengen en culturele crossover-experimenten opzetten. De uitdaging is om een semi-automatisch mini-weefgetouw te bouwen aan de hand van digitale technieken zoals lasersnijden en 3D printen in combinatie met mechanische en elektronische elementen.

Terug naar PROJECTEN

Het grote repareeronderzoek Textiel

Het grote repareeronderzoek Textiel

2019

partners
DOEK vzw
Netwerk Bewust Verbruiken
Vlaanderen Circulai

Op maandag 10 juni 2019 kwamen 15textielreparatie-experts met een hart voor textiel en duurzaam hergebruik samen bij DOEK vzw in Mortsel. Elke deelnemer stelde kritische vragen: “Waarom wordt alle kleding gemaakt voor standaard maten terwijl we juist allemaal zo verschillende vormen hebben? Waarom kan de industrie tegenwoordig geen kwaliteitsvolle kledingstukken meer leveren? Wat is er nodig om terug kledingstukken van betere kwaliteit aan redelijke prijzen te kunnen leveren? Wat is het verschil tussen ecologische kleding en niet-ecologische kleding?”

Kostbare tijd en vervuiling – hoe keren we het tij?
We raken niet uitgepraat over kleding, textiel reparatie en wetgeving die zoveel verspilling zou moeten voorkomen. De beperkte tijd dwingt ons de discussie te staken, maar eigenlijk wil iedereen meer. Meer uitwisseling en samen zoeken naar mogelijke voorstellen en adviezen voor één van de meest vervuilende industrieën die er momenteel bestaat.

Heel anders was het nog 30 jaar geleden. De mode-industrie en de fast-fashion van de grote ketens hebben hier verandering in gebracht. Met kinderarbeid, sociale misstanden enecologische rampen. Hoe is het zo ver kunnen komen? En hoe keren we het tij?

Een van de heldere en doeltreffende opmerkingen die gemaakt wordt door de groep is:

“Als mensen doorhebben hoe lang het duurt om iets te maken, dan beseffen ze dat de kleding veel te goedkoop is.”

Sensibiliseren over dit thema is ook één van de rollen die de repair-ateliers opnemen. De meeste mensen beseffen niet hoeveel werkuren, water (voor het kweken van katoen, het verven van stoffen) en vervoer gestoken wordt in een kledingstuk en wat de impact hiervan is op het milieu.

We onderzochten verschillende kledingstukken. Wat gaat er snel stuk? Hoe bepaal je of een stuk nog te herstellen is? Als het niet meer te herstellen is, hoe geef je het een nieuw leven? Wat is er nodig tijdens het ontwerpproces om een kledingstuk een langer leven te geven? Hoe herken je kleding van kwaliteit? Hoe is iets afgewerkt?

Dit zijn vragen waar niet gemakkelijk een antwoord op te vinden is. Er is namelijk zo veel op de markt en het is niet evident om kwaliteit te vinden en te herkennen.

Lees meer

Probleem nummer 1: de rits

Ritsen gaan vaak kapot. In tegenstelling tot wat vaak wordt gedacht, zijn ze vaak wel te repareren.

Wanneer je rits open gaat in het midden?
Het is vaak het glijdertje dat niet meer goed werkt , en wat dan vaak gedaan kan worden is het dichtknijpen van het glijdertje.

Pennetjes uit je rits?
Dat is niet zo makkelijk te repareren, maar een rits in zijn geheel vervangen kan zeker nog. Het kost tijd, maar het kan zeker de moeite zijn. Wanneer wordt het echt moeilijk? Als de rits te dicht op drukknoopjes bevestigd is. Dan moet je namelijk de drukknoopjes ook verwijderen, maar dan maak je gaten. Let dus zeker goed op als je een nieuwe jas met rits koopt: kijk goed of er geen knoopjes te dicht op de rits zijn bevestigd.

Het onderhouden van een rits?
Er werd ook aangeraden om een rits regelmatig in te wrijven met droge zeep of kaarsvet, op die manier blijft de rits goed lopen en voorkom je stroeve ritsen die snel kapot gaan.

Probleem nummer 2: kwaliteit van draad en naden

We spraken ook over de kwaliteit van draad en de verschillende naden. Zo heb je een Engelse naad en een Franse naad. Madam Zsazsa legt het ook uit in haar blog. We bekeken alle meegebrachte kledingstukken en zagen ook het verschil met de dubbelgestikte stukken en enkel gestikte. De afwerking aan de binnenkant is iets waarop in fast fashion altijd bezuinigd wordt, maar ook op de kwaliteit van het garen waar het textiel uit wordt gemaakt. Draden worden minder getwijnd dan voorheen. Twijnen is het samendraaien van twee of meer draden, meestal in tegenovergestelde richting van de draaiing van de gebruikte draden, om dikker en sterker garen te verkrijgen.

Kortom, op elk facet in de keten wordt er door de industrie gekeken of een kledingstuk met minder handelingen kan gemaakt worden, en zo nog sneller en nog goedkoper op de markt kan komen. Wat eigenlijk sowieso heel absurd is. Omdat het helemaal niet moeilijk is om mensen die kledingstukken in lageloonlanden maken eerlijk te betalen. Wij zouden het zelf amper merken in het eindbedrag. Het verschil zou ongeveer 0,5 euro zijn op de verkoopprijs.

Regelgeving is broodnodig

En zo komen we op het onderwerp regelgeving: regelgeving is hard en broodnodig! En we zijn het er allemaal over eens dat dit op Europees niveau moet gebeuren. Er moet een omslag komen, maar dat kan niet zonder wetten die voorkomen dat:

  1. mensen in erbarmelijke omstandigheden voor te lage lonen kleding maken.
  2. er miljarden liters water verspild wordt voor het kweken van katoen en het verven van stoffen.
  3. er jaarlijks tonnen kleding verbrand wordt enkel om de waarde van de verkochte stuks hoog te houden. De Europese Commissie heeft aangegeven meer te willen inzetten op het recycleren van kleding. Op dit moment wordt er maar een fractie van al het textiel gerecycleerd in plaats van verbrand.
  4. kleding zo gemaakt wordt dat het sneller slijt door gebruik van slechte draden en te dunne stoffen.
Alternatieven voor katoen

Van regelgeving sprongen we naar alternatieven voor katoen. Zijn er eigenlijk wel goede alternatieven? Lies Van Assche van DOEK vzw is heel duidelijk: het beste alternatief op dit moment is tweedehands kleding.

Wat met andere materialen?

  • Polyester: Een groot nadeel van veel synthetische stoffen is dat ze microplastic achterlaten in het water bij iedere wasbeurt. Inmiddels kennen we dan ook de keerzijde van de fleecetruien gemaakt van petflessen en is de boodschap: niet wassen! Het Duitse Langbrett maakte waszakken die een deel van de microplastics opvangt tijdens het wassen. Dit is echter geen oplossing en dit artikel legt dit duidelijk uit. Een voordeel van polyester is dat het hergebruikt kan worden, maar daar komt heel wat bij kijken.
  • Bamboe is veel duurzamer dan katoen. Een groot nadeel hier is echter het gebruik van chemicaliën bij het verwerken tot textiel. Meer info vind je in dit artikel.
  • Tencel of lyocell is gemaakt van houtpulp van de eucalyptus en duurzamer dan viscose omdat de gebruikte chemicaliën tijdens het proces in de kringloop blijven en hergebruikt kunnen worden. Lees meer in dit artikel.
Terug naar PROJECTEN

TOP-atelier

TOPatelier

TOP-atelier

TOP (Textiel Omschakelings Proces) atelier

2019 – 2021

concept
Lies Van Assche

partners
DOEK
Ivoc
Creamoda
Prospex Institute

een project van
DOEK en Villanella

met de steun van
Vlaanderen Circulair

Kunstenaars/ontwerpers
Caro Peirs van Tropas
Eloïse Maës & Audrey Werthle van La Gadoue
Veerle Tytgat & Sophie De Somere van Triptiek
Hannah Vanspauwen van Paule Josephe
Soraya Wancour van Studio AMA

TOP-atelier is een collectief onderzoeksproject (2019 – 2021) met de steun van Vlaanderen Circulair en wil aantonen dat het wél rendabel, opschaalbaar en marktvriendelijk kan zijn om in België hoogwaardige producten te maken van minderwaardige textielreststromen. 

Van TexUp naar TOP-atelier
In het project TexUp onderzochten we enkele jaren geleden reeds de verschillende mogelijke circulaire ontwerp- en fabricageprocessen met lokale textielreststromen. Een groep ontwerpers werd toen uitgedaagd om upcycling-producten te ontwerpen met afgedankt textiel van een Antwerps hotel. Upcycling is het creatief proces waarbij afval als een hulpbron wordt beschouwd. Materialen worden op een slimme manier hergebruikt, waardoor ze een tweede leven en functie krijgen. Uit TexUp leerden we dat er nog meer onderzoek en experiment nodig is omtrent het opschalen en vermarkten van upcycling producten. Wat vooral duidelijk werd, is dat lokale productie een must is. Echter is er momenteel niet genoeg aanbod om zo’n lokale productie te realiseren. Kwaliteitsnormen bij het vermarkten van upcycling producten moeten verder onder de loep genomen worden. En ook het duurzaam ophalen, verzamelen en sorteren van specifieke textielreststromen blijft een uitdaging. Het denkwerk tijdens TexUp én het ontstaan van een enthousiaste beweging rond de herbestemming van lokale textielstromen resulteerden dan ook in het ontstaan van TOP-atelier.

TOP-atelier in de praktijk
We maken werk van een sterk businessmodel en creëren, analyseren en testen nieuwe mogelijkheden in praktijk. Hiervoor gaan we in zee met verschillende Vlaamse confectieateliers. Die stellen hun specifieke knowhow en machinepark ter beschikking van ontwerpers en projectontwikkelaars die textiel reststromen een creatieve herbestemming geven. De oplossingen die TOP-atelier biedt, ondersteunen de (duurzame) mode-industrie in Vlaanderen en zijn een eerste stap in het opzetten van duurzame relaties binnen de industrie, specifiek voor upcycling. Het levert een bijdrage aan de beleidsdoelstellingen rond de transitie naar een circulaire economie.

We richten ons op een synergie tussen Vlaamse confectiebedrijven, sorteerders uit de sociale economie alsook ontwerpers en projectontwikkelaars die met restmateriaal aan de slag gaan. Dit partnerschap moet meer en betere mogelijkheden aanreiken om de textielmaterialen een nieuwe bestemming te geven en dit op een rendabele en sociaal verantwoorde manier. We betrekken ook de consument in het verhaal. We merken op dat de Vlaamse confectie-infrastructuur onderbenut wordt. Heel wat confectieateliers en hun machineparken worden vooral ingezet tijdens periodes van prototyping bij het stikken van modellen en kleine series, maar blijven regelmatig leeg staan. Er is dan ook heel wat ruimte en infrastructuur beschikbaar waar ontwerpers en projectontwikkelaars samen met de medewerkers van de ateliers aan de slag kunnen gaan met reststromen van textiel en aan re-manufacturing kunnen doen. Zo blazen we onze maakindustrie nieuw leven in en brengen we de productiestroom weer op gang, ook dát is circulaire economie.

TOP-atelier wil de opgedane kennis verder verdiepen, maar biedt nu al oplossingen:

  • innovatieve sorteersystemen die een continue instroom van bronmateriaal kunnen garanderen
  • de voorbereiding op en het versnijden van bestaande kledingstukken
  • industrieel wassen

Ga zelf aan de slag
Onze gids biedt tips aan designers die willen werken aan het upcyclen van textielreststromen. Voor elke stap in de productieketen vind je de uitdagingen die TOP-atelier aan ging, de belangrijkste leerlessen en enkele tips & tricks, zoals contacten in de Belgische confectie-industrie.

TOP-atelier is een initiatief van IVOC, Creamoda, Doek vzw, Ecoso en Prospex Institute, met de steun van Vlaanderen Circulair.

Terug naar PROJECTEN

True Colors

True Colors

True Colors

Over vilten met wol en botanisch verfgoed

van 1 juli 2019 tot 30 juni 2021

deelnemers
Hilde Vleugels
Hans Jackmaert
met de steun van
Vlaamse overheid/
Erfgoed Vlaanderen

Het wolambacht en het verven met lokale verfplanten is in Vlaanderen nagenoeg verdwenen. Bij DOEK zoeken we naar manieren om dit meer op de kaart te zetten. 

gele verfbad met Wouw

Foto: Eerste gele verfbad met Wouw

In de zomer van 2019 doken Hans Jackmaert (leerling) en Hilde Vleugels (meester) binnen hun Meester-Leerling Traject True Colours in de verfketels om de drie basiskleuren uit planten te ontwikkelen. Deze planten zijn de lokale ‘grand teint’ planten, die Hans kweekt in zijn volkstuin in Deurne. Het geel halen we uit de wouw. Het rood komt uit de wortel van de meekrap en het blauw vind je in de wede.

In de herfst van 2019 zochten we de gezellige warmte van wol op. Dan gingen we volop vilten om het warm te krijgen.

Meester en leerling bestuderen samen oude verfrecepten met planten

Hilde Vleugels

In 2021 verbindt Hans zijn opgebouwde kennis en informatie met diverse studenten tijdens verschillende Collective Wisdom Sessions.

“Ik ontdek kleuren, overal waar ik kom. Ik wil ze zien binnenin mij en weten wat ze met me doen. Nog voor we enige taal spraken zagen we al kleuren. Verschillende fases in mijn leven zijn verbonden aan kleuren. Ik herinner me het blauw van de drankenkaart in de lagere school, waar ik ‘s middags een chocomelk van ‘den Inza’ mee kon drinken. Of mijn warrige verhouding met rood. En toch wens ik op een dag mijn lievelingsrood uit planten te verkrijgen. Alle ervaringen, goed of slecht, mooi of lelijk, brachten me steeds in een ander universum, een van kleuren. Zijn we geworden tot wie we zijn, door kleuren? Als we al deze momenten op een tijdlijn zouden markeren dan zien we een lange route. Ik reisde alleen, samen met anderen, met mensen die ik leuk vond, of net niet, een hele karavaan. Ook al zou je je hele leven op 1 en dezelfde plek blijven, toch is de levensreis van kleuren nomadisch en onvoorspelbaar.” (HJ)

Dit project kwam tot stand dankzij de financiële bijdrage van de Vlaamse Overheid.

Terug naar PROJECTEN

Zoektocht naar Afghaans textielerfgoed

Zoektocht naar Afghaans textielerfgoed

2019

kunstenaars/
ontwerpers/
onderzoekers/ makers
Nadia Mohmand
Lies Van Assche
Frieda Sorber
Staf Daems
Fehmida Shamsi
Suzzan Hotak
partners
DOEK
MoMu Antwerpen
MAS

Nadia Mohmand, Afghaanse borduurster en enkele andere borduursters, kunstenaar Lies Van Assche, curatoren Frieda Sorber (MoMu) en Staf Daems (MAS) gaan samen op zoek naar Afghaans textiel erfgoed in de depots en studiecollecties van het Mas en het MoMu in Antwerpen.De collecties worden opengesteld voor een ‘source community’ die aanwezig is in de hedendaagse stad. Door deze samenwerking met al de verschillende partners worden de begrippen ‘ ons erfgoed’ en ‘ onze traditie’ herbekeken en onderzocht.

Lees meer

Zoektocht naar Afghaans textiel erfgoed

Textielcollecties liggen opgeslagen in museumdepots en wachten om ontdekt, bekeken en erkend te worden. Niet alleen de ‘Afghaanse’ collectie van Momu en het Mas in Antwerpen maar ook andere collectiestukken en de studiecollectie waarbij borduurtechnieken gebruikt werden, zijn onderwerp van onderzoek. Treedt er herkenning op? Zijn er overeenkomsten in technieken? Lijkt het materiaal (textiel en garen) op het materiaal dat de Afghaanse vrouwen zelf gebruiken? Hoe gaan zij om met het begrip erfgoed? Visueel antropologe Wendy Van Wilgenburg maakt in opdracht van het MAS een film over het Meester Leerling traject van Nadia Mohmand en Lies Van Assche. Van september 2019 tot december 2020 filmt ze ateliersessies met meester en leerling, ontmoetingen en kennisuitwisseling en interviewt de meester buiten de atelier context. Deze zoektocht naar Afghaans textiel erfgoed is onderdeel van dit meester leerling traject. Nadia en Lies selecteren tijdens het depotbezoek stukken uit de depots en de studiecollectie van het MAS en MoMu. Een fotografe van het MoMu maakt foto’s van deze stukken. Aansluitend op het meester-leerling traject gebruiken Nadia en Lies dit bronnenmateriaal tijdens een Masterclass in AP-Arts in Antwerpen in februari 2020: Sporen Achterlaten/ Leaving Traces.

Terug naar PROJECTEN
We gebruiken cookies en vergelijkbare technologieën om de diensten en functionaliteit op onze site mogelijk te maken en om je interactie met onze dienst te begrijpen. Door op 'Accepteren' te klikken, ga je akkoord met ons gebruik van dergelijke technologieën voor marketing en analyse. Bekijk het privacybeleid